Doel van het spel
Als eerste alle tien de fasen afmaken.
Voorbereiding
- Iedere speler krijgt 10 kaarten.
- Leg de rest als trekstapel neer en draai de bovenste kaart om als aflegstapel.
Zo speel je Phase 10
- In je beurt pak je één kaart: van de trekstapel of de bovenste van de aflegstapel.
- Heb je de kaarten voor je fase, dan leg je die open neer. Je kunt per ronde maar één fase afmaken.
- Heb je je fase liggen, dan mag je in volgende beurten kaarten aanleggen bij fasen op tafel, ook bij die van anderen.
- Je beurt eindigt met het afleggen van één kaart. Een sla-over-kaart laat een andere speler een beurt overslaan.
- De ronde eindigt als iemand al zijn kaarten kwijt is.
De tien fasen
| Fase | Opdracht |
|---|---|
| 1 | 2 sets van 3 |
| 2 | 1 set van 3 en 1 rij van 4 |
| 3 | 1 set van 4 en 1 rij van 4 |
| 4 | 1 rij van 7 |
| 5 | 1 rij van 8 |
| 6 | 1 rij van 9 |
| 7 | 2 sets van 4 |
| 8 | 7 kaarten van één kleur |
| 9 | 1 set van 5 en 1 set van 2 |
| 10 | 1 set van 5 en 1 set van 3 |
Strafpunten aan het einde van een ronde
| Kaart | Punten |
|---|---|
| 1 tot en met 9 | 5 |
| 10, 11 en 12 | 10 |
| Sla over | 15 |
| Joker (wild) | 25 |
Wie wint er?
Wie als eerste fase 10 afmaakt, wint. Maken meerdere spelers in dezelfde ronde fase 10 af, dan wint wie de minste strafpunten heeft.
Veelgestelde vragen over Phase 10
Wat is fase 1 bij Phase 10?
Fase 1 is: twee sets van drie, dus twee keer drie kaarten met hetzelfde getal.
Mag je meer dan één fase per ronde doen?
Nee, je kunt per ronde maar één fase afmaken.
Deze uitleg is in onze eigen woorden geschreven. De regels in jouw doos kunnen per uitgave iets verschillen; spreek bij twijfel vooraf af welke regels jullie aanhouden. Phase 10 is een merknaam van de rechthebbende; Quizje is daar niet aan verbonden. Zie je een fout? Laat het ons weten.